De Zeeuwse Leertrein

07/21/13

Start pagina
Omhoog
Oorzaken
Studiedag leerkrachten

 

Mogelijke oorzaken leerproblemen. (ik denk in beelden, jij onderwijst in woorden)

Denken vanuit een totaalbeeld.
Beelddenkers denken vanuit een totaalbeeld.

Voorbeeld op school
Leerlingen die in beelden denken, moeten eerst het eindresultaat ‘zien’ of de samenvatting vooraf lezen. Anders wordt de lesstof in het verkeerde ‘vakje’ opgeslagen. Deze kinderen bundelen de informatie dan aan eigen informatie / herinneringen zoals in het onderstaande voorbeeld.

Les 1: De meester bespreekt het varken.
“Ik ben naar de bioscoop geweest naar Babe het varkentje.” De informatie verdwijnt in het hoofd in dit vakje. 

Les 2 (week later): De meester bespreekt de koe.
“Bij de Mc Donalds zijn de hamburgers van koeien gemaakt. Ze hebben daar een ballenbak!” 

Les 3 (weer een week later): De meester bespreekt de kip.
“Mijn hond heeft een speelgoed-kip. Ik speel vaak met mijn hond in de tuin.”

Na drie weken zegt de juffrouw: “Zo, we hebben de dieren van de kinderboerderij besproken”.

Bij de beelddenker passen de in zijn hoofd gevormde bioscoop, ballenbak en rubberen kip niet in de kinderboerderij.

5958525-weinig-roze-varkens.jpg                              imagesCAV2KUX9.jpg

Een beelddenker ziet een totaalbeeld en kan dit moeilijk opbouwen vanuit losse deeltjes.
Hij is wel in staat om vanuit een geheel terug te beredeneren (omgekeerd leren).
In het onderwijs wordt informatie altijd opgebouwd. Een bijna onmogelijke opgave voor een beelddenker.
Aanleren om eerst het totaalbeeld te overzien om vervolgens terug te beredeneren om de lesstof in de klas te kunnen volgen.

 

We gaan de komende weken de dieren van de boerderij bespreken.

Het beelddenkende kind maakt een vakje in zijn hoofd: de boerderij.
Dit zal waarschijnlijk een echt beeld zijn van een stuk land, een huis, een tractor, stallen enz.
De komende lessen kan de informatie over de dieren hierin worden verzameld.

Beelddenkers -> Lees bijvoorbeeld eerst de samenvatting van een hoofdstuk.
Of geef voor het tellen eerst het cijferveld van 1 tot 100, dan weet je waar al die cijfertjes op slaan en waar de lesstof uiteindelijk voor bedoeld is.

http://www.ikleeranders.nl/ikleeranders/Media/transparent.gifhttp://www.ikleeranders.nl/ikleeranders/Media/transparent.gifboerderij.jpg

Voorbeeld wiskundeles op school. 

Denkwijze, sorteergedrag niet=beelddenker (=woorddenker). De lessen worden opgebouwd tot een geheel.

imagesCAF0IDKQ.jpg

Denkwijze, sorteergedrag beelddenker.

Een beelddenker gaat de lesstof ziften (uit elkaar trekken en op zijn manier ordenen).
Een beelddenker gaat verbanden zoeken tussen een paar losse stukjes. Hier gaat het mis.

Het eindresultaat is daarom anders dan dat van zijn klasgenoten. Als hij vooraf het eindresultaat had geweten, zou hij de informatie goed hebben opgeslagen in zijn geheugen met het juiste eindresultaat.

wiskunde2.png

Ik denk in beelden, jij onderwijst in woorden:
De meeste mensen denken in woorden (95%). Slechts 5% denkt in plaatjes, of zelfs een bewegende film.

Het FILTS-programma op school is daarom ook een bijna onmogelijke opgave voor beelddenkers. HOND.
De leerling ziet een langharige, bruine hond springend en denkt dan….. Ooooohhhh hoe heet die ook al weer, oja Hond.
Alleen is het programma dan allang bij een ander woord. 

Informatie opslaan.
Bij “ik leer anders” vergelijken we de hersenhelften wel met de harde schijven van een computer.
De linker is geformatteerd voor ‘word-documenten’ en de rechter is zo ingericht dat we alleen plaatjes opslaan. (JPEG)

Het heeft daarom ook geen zin om de lesstof als woorden aan te bieden. RT (bijles) is vaak meer van hetzelfde. 

Leerlingen zeggen wel eens: “het is net of de informatie door mijn hoofd blijft zweven en uiteindelijk via mijn oren verdwijnt”. Wat ze niet weten is dat beelddenkers heel goed informatie kunnen onthouden wanneer de lesstof in beelden wordt aangeboden (digibord). Want plaatjes worden wel opgeslagen en onthouden.

De training leert hoe je van woorden, maar ook van cijfertafels plaatjes maakt. Van alle abstracte ongrijpbare informatie aan de linkerkant (cijfers, letters, tijd) maken we plaatjes zodat het binnen het visuele informatiesysteem van een beelddenker past.

Driedemensionaal denken.
Beweging in je hoofd betekent creativiteit. Een beelddenker kan objecten in zijn hoofd laten draaien. 

Het draaien van letters.

Op jonge leeftijd zie je beelddenkers vaak worstelen met letter. Wij noemen het dansende letters.

Een d kan ook een b worden, maar ook een p of een q. dit laat ik altijd aan de kinderen zien als ze bij mij zijn.

Husselen van de letters.
Het hoofd schudt de informatie door elkaar. Vervolgens wordt de lesstof geordend volgens de logica van de beelddenker.

Neem nou “Mik heeft de hik”, 9 van de 10 beelddenkers zeggen ‘Kim heeft de hik”.het hoofd ziet drie letters die niet direct herkenning oproepen.
De letters worden geschud en vallen daarna op de juiste plaats volgens de logica van de beelddenker.
Dit doet hij of zij ONBEWUST.

Snel afgeleid.
Woorddenkers kunnen makkelijk afstand nemen van een vervelende situatie. Een beelddenker kan dit niet.
Ze zijn als het ware verbonden met de situatie. (dit staat daarna ook jaren later nog in hun geheugen gegrift)

Emoties worden als echt ervaren in hun lichaam.
Beelddenkers kunnen daarom heel heftig en emotioneel reageren op hun omgeving.
(en vaak snappen de mensen er omheen niet wat er aan de hand is, dit geeft dan weer redenen tot PESTEN)

  • Beelddenkers voelen hun omgeving:

  • Beelddenkers lezen lichaamstaal.

  • Voelen spanning en emoties sterker aan.

  • Geluiden, reuk en beelden worden niet gefilterd.

  • Alle indrukken komen binnen.

In boeken over hoogsensitiviteit herkennen beelddenkers veel eigenschappen van hun zelf.

De wereld beleven is heerlijk, maar kan ook erg overweldigend zijn. Soms wordt het dan teveel. Je hebt dan tijd nodig om je te orienteren. Daarom kijken beelddenkers ook vaak “de kat uit de boom” voordat ze zich ergens IN STORTEN.

Overprikkeld raken.
Teveel invloeden van buitenaf en gebrek aan overzicht kunnen uiteindelijk angsten veroorzaken.
Zorg voor voldoende rustmomenten (prikkel-vrij) gedurende dag om weer op te laden.

Concentratieproblemen op school.
In de klas reageren deze kinderen op onverwachte bewegingen of geluiden. Een soort instinct.
Tijdens het werken of het maken van een proefwerk kun je deze omgevingsfactoren uitschakelen. Zo verbetert de concentratie.

Maak gebruik van:

  •  Oordopjes.

  •  Koptelefoon die geluid dempt.

  •  Flexibel schot.

Impulsief gedrag: direct behoefte willen vervullen.
Beelddenkers blijven de voorkeur houden voor het primaire denkproces.
Dit heeft als gevolg dat zij altijd direct hun behoefte willen vervullen.
Autoriteiten maken niet veel indruk, het gevoel van binnen overheerst.
Als hij/zij deze behoefte niet direct kan bevredigen, kan dit een driftbui veroorzaken (niet altijd bij iedere beelddenker).
Dan krijg je als ouder gelijk te horen dat je kind ongeduldig is in de klas en niet wil luisteren naar de leerkracht.
 

Geduld kan enigszins worden aangeleerd door bijvoorbeeld begrip te vragen voor de ander.

Soms helpt visualiseren.

Voorbeeld: vraag het kind om zijn/haar ogen te sluiten. Vraag vervolgens of mama tegelijkerteit kan stofzuigen en limonade inschenken?

Hoe ziet dat eruit?

Gaat dat? NEE, dus moet je even wachten.

Hyperfocus.
Beelddenkers kunnen extreem hyperfocussen op een onderwerp wat hun interesse heeft. Het laat ze niet los!.
Daarbij kunnen zij heel vindingrijk zijn als ze iets voor elkaar willen krijgen. Hierdoor komen vaak zeer interessante projecten tot stand. 

Geen tijd besef: planning of organisatie.

  •  Geen tijdsgevoel.

  •  Altijd te laat op afspraken.

  •  Afspraken vergeten.

  •  De verkeerde boeken in je schooltas.

  •  Sporttas vergeten.

Geen tijd besef en planning maken je onzeker. De oplossing is heel simpel.

Bijvoorbeeld een planbord voor kleuters. ( dit kan zelf gemaakt worden met behulp van een foto van het kind, plaatjes en klittenband)

Jongeren: waarom geen agenda. Begin al op vroeg binnen de school met een agenda, zodat de kinderen er zelf dingen in kunnen schrijven.

Planbord met T-kaartjes.

Gebruik verschillende kleuren kaartjes.

Zacht geel : weekindeling.

Blauw: vaste activiteiten/ werk / school.

Fel oranje: afspraken / proefwerken

 Weekkalender op telefoon.
Op een mobiele telefoon kun je een weekkalender downloaden.
Deze app kun je hetzelfde inrichten als een planbord.
 

Start pagina | Oorzaken | Studiedag leerkrachten

This site was last updated 07/21/13